DTZ: te hoge WOZ-waarde moet aangepakt




  • Volgens DTZ Zadelhoff staat de te hoge WOZ-waarde het afwaarderen van vastgoed in de weg. ‘Door de te hoge WOZ-waarden die gemeenten vaststellen voor bedrijfsmatig vastgoed, kunnen beleggers hun vastgoed niet voldoende afwaarderen. Juist nu we te maken hebben met een te groot leegstaand aanbod, is afwaarderen van vastgoed noodzakelijk’, zegt Cuno van Steenhoven, bestuursvoorzitter van DTZ Zadelhoff.

    Beleggers mogen slechts tot aan de WOZ-waarde afschrijven. Een reële WOZ-waarde is dan ook van groot financieel belang. In de praktijk is de WOZ-waarde – vooral die van grote kantoorobjecten – volgens DTZ Zadelhoff vaak te hoog getaxeerd. In de huidige markt worden nagenoeg geen onverhuurde kantoorobjecten van enige omvang verkocht. De taxatiewijzer van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) onderkent dit probleem. Ook de waarderingskamer heeft onderzoek gedaan naar WOZ-taxaties van grote kantoren. Maar tot concrete verbeteringen heeft dit nog niet geleid. Van Steenhoven: ‘Gemeenten gaan bij het vaststellen van de WOZ-waarde bij gebrek aan goede referentietransacties uit van vastgoed in verhuurde staat. Bij het corrigeren van deze waarde naar ‘lege staat’ gaat het mis. Het gat tussen verhuurd vastgoed en onverhuurd vastgoed is inmiddels zo groot geworden dat men komt tot een te hoge WOZ-waarde, die niet correspondeert met de reële waarde.’

    Het belastingjaar 2011, met waardepeildatum 1 januari 2010, liet voor het eerst sinds de inwerkingtreding van de Wet WOZ een waardedaling zien. Maar ten opzichte van een jaar eerder daalde de WOZ-waarde met slechts 0,9 procent. Uit de eerste OZB-aanslagen van 2012 (met peildatum 1 januari 2011) blijkt ook nog geen significante daling. ‘De WOZ-waarden zijn daarmee dus onvoldoende afgewaardeerd. Het betreft bijna 850.000 bedrijfsgebouwen in Nederland. Een kritische beoordeling van de gemeentelijke WOZ-taxaties is op zijn plaats, zodat afwaardering fiscaal mogelijk blijft’, aldus Van Steenhoven.

    Bron: Vastgoedmarkt